banner

Een betalingstermijn van meer dan zestig dagen, mag dat wel?

Goed nieuws voor het MKB: per 1 juli 2017 treedt de nieuwe wet “Wet uiterste betaaltermijn van zestig dagen voor grote ondernemingen” in werking! De Eerste en Tweede Kamer hebben onlangs namelijk ingestemd met het in 2015 ingediende wetsvoorstel “Het tegengaan van onredelijk lange betaaltermijnen”. Daarmee is de Wet uiterste betaaltermijn van zestig dagen voor grote ondernemingen een feit.

Het doel van deze nieuwe wet is om de door grote ondernemingen aan MKB-leveranciers opgelegde onredelijk lange betalingstermijnen tegen te gaan. Na 1 juli 2017 is het voor grote ondernemingen dan ook niet meer toegestaan om, ten aanzien van een factuur van een MKB-leverancier, een langere betalingstermijn dan 60 dagen te hanteren. 

Huidige wetgeving


Sinds 16 maart 2013 is in Nederland de Europese Richtlijn ‘late betalingen’ van kracht. Op grond van deze richtlijn moet bij handelstransacties elke factuur binnen 30 dagen na ontvangst worden betaald, tenzij in de overeenkomst tussen partijen anders is afgesproken. Daarbij is een betalingstermijn van 60 dagen toegestaan. Een betalingstermijn van langer dan 60 dagen mag echter alleen worden afgesproken indien beide partijen hier uitdrukkelijk mee instemmen én deze langere betalingstermijn niet ‘kennelijk onbillijk’ is voor de schuldeiser.

Zoals u zich kunt voorstellen, leidt dit laatste criterium vaak tot problemen. Wanneer is een betalingstermijn langer dan 60 dagen immers 'kennelijk onbillijk' voor de schuldeiser? Een kleine onderneming zal als leverancier vaak erg afhankelijk zijn van de grote ondernemingen en zich daarom gedwongen voelen om met de langere betalingstermijn in te stemmen.

In de praktijk komt het daarom regelmatig voor dat grote ondernemingen langere betalingstermijnen hanteren ten opzichte van de MKB-leveranciers, soms zelfs wel 120 tot 180 dagen.

Nieuwe wetgeving: betalingstermijn 60 dagen


In de afgelopen jaren zijn veel MKB-leveranciers in de financiële problemen gekomen, doordat hun grote afnemers een onredelijk lange betalingstermijn hanteerden en zij min of meer gedwongen werden om hiermee akkoord te gaan. Hieruit blijkt dat de huidige wetgeving nog onvoldoende bescherming biedt voor het MKB.

Per 1 juli 2017 komt daar verandering in. Grote ondernemingen kunnen dan niet meer een langere betalingstermijn dan 60 dagen met MKB-leveranciers afspreken. Overeenkomsten tussen een grote onderneming (als afnemer) en een MKB’er (als leverancier) met een betalingstermijn langer dan 60 dagen zijn in strijd met de wet en daarom nietig. Bij dergelijke overeenkomsten wordt de betalingstermijn van rechtswege (en dus automatisch) omgezet naar een betalingstermijn van 30 dagen.

Wettelijke handelsrente


Betaalt de afnemer toch pas na 30 dagen, kan de leverancier vergoeding van de wettelijke handelsrente over de termijn die de 30 dagen overschrijdt, vorderen. Op dit moment is de wettelijke handelsrente 8% per jaar. Op de website van wettelijkerente.nl  kunt u berekenen op welke wettelijke handelsrente u recht heeft.

Deze vordering blijft vervolgens 5 jaar in rechte afdwingbaar. Daardoor is het bijvoorbeeld mogelijk om een dergelijke vordering pas in te stellen nadat de handelsrelatie is geëindigd of wanneer er in een bepaalde periode meerdere facturen te laat zijn voldaan. 

Een afspraak waarbij leverancier en afnemer overeenkomen dat de leverancier afstand doet van haar recht om op enig moment  vergoeding van wettelijke handelsrente vorderen, is overigens ook nietig.

Voor wie geldt de nieuwe wet?


In deze blog en in de nieuwe wet wordt keer op keer gesproken over de grote onderneming als afnemer en het MKB als leverancier. Maar wanneer is er nu sprake van een grote onderneming en wanneer van MKB?

Uit het wetsvoorstel blijkt dat de wetgever voor deze wet heeft aangesloten bij de criteria uit het jaarrekeningenrecht zoals al beschreven in het Burgerlijk Wetboek. Uit deze bepalingen zijn de in onderstaande tabel opgenomen criteria af te leiden:



Een onderneming valt in de categorie micro, klein, middelgroot of groot wanneer deze onderneming gedurende twee aaneengesloten (boek)jaren voldoet aan minimaal twee van de drie criteria uit de betreffende categorie.

Verwacht effect van de nieuwe wet


Een gevolg van deze nieuwe wet is voor de afnemer uiteraard het risico op een rentevordering van de leverancier. Nu zal de grote onderneming wellicht over een mogelijke rentevordering van een leverancier met een relatief kleine vordering niet snel wakker liggen.

Misschien wel het belangrijkste effect van deze wet zal echter zijn, dat grote ondernemingen in het kader van hun compliance en/of vanwege hun beleid om maatschappelijk verantwoord te ondernemen, niet in strijd met de wet mogen handelen. Het begrip compliance staat voor het naleven van geldende gedragsregels en het voldoen aan wet- en regelgeving. Binnen sommige sectoren staan zelfs stevige sancties op het niet voldoen aan de wet- en regelgeving. Een grote onderneming kan het zich daarom vaak niet veroorloven om in strijd met deze wet te handelen.

Vragen?


Heeft u over het bovenstaande vragen of wilt u meer weten over betalingstermijnen dan wel het vorderen of verschuldigd worden van wettelijke (handels)rente? Neem dan gerust contact met mij op.

Bertine van den Heuvel-van Dijk LLB

terug naar overzicht