banner

Uw werknemer bereikt de pensioengerechtigde leeftijd: wat betekent dit voor het einde dienstverband?

Voor de inwerkingtreding van de Wet Werk en Zekerheid was er wettelijk niets geregeld over een eventueel einde van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd indien een werknemer de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Nu er eigenlijk (zoals mijn collega mr. Robert van Huussen in zijn blog van 18 mei 2015 al aangaf) wel gesproken kan worden van een stelselherziening door de invoering van de Wet Werk en Zekerheid, zult u wellicht al verwachten dat ook dit onderwerp inmiddels wel wettelijk is geregeld. Maar hoe luidt deze wettelijke regeling nu dan?

Opzeggen arbeidsovereenkomst

Onder het oude recht was ook voor het opzeggen van een arbeidsovereenkomst met een werknemer die de pensioengerechtigde leeftijd bereikte of had bereikt, toestemming van het UWV nodig dan wel een ontbindingsbeschikking van de kantonrechter. Voor wat betreft werknemers die bij werkgever in dienst zijn getreden vóór het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd is dit toestemmingsvereiste van het UWV dan wel de kantonrechter komen te vervallen. Een werkgever kan nu, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen, de arbeidsovereenkomst opzeggen tegen of na de dag waarop de werknemer de voor hem geldende pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt. Het enige waar de werkgever nog wel rekening mee dient te houden is de geldende opzegtermijn.

Is de werknemer ná het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd in dienst getreden, dan gelden de gebruikelijke (nieuwe) regels voor ontslag en ontbinding.

Pensioenontslagbeding

Nu komt het regelmatig voor dat arbeidsovereenkomsten voor onbepaalde tijd een pensioenontslagbeding bevatten. Dit pensioenontslagbeding bepaalt dan dat de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd van rechtswege eindigt bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Dit pensioenontslagbeding is inmiddels echter overbodig geworden en wordt wellicht zelfs als onnodig belemmerend gezien. Het beding is allereerst niet meer nodig omdat opzegging zonder toestemming met inachtneming van de geldende opzegtermijn tegen de dag van het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd of daarna mogelijk is. Een pensioenontslagbeding is wellicht wel onnodig belemmerend aangezien een dergelijk beding een bepaald risico met zich meebrengt. Het is namelijk zo dat indien er na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd gewoon wordt doorgewerkt, de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd wel is geëindigd en ervan uit wordt gegaan dat er (door het doorwerken) een nieuwe arbeidsovereenkomst is ontstaan. Als er tussen werkgever en werknemer niets is afgesproken over deze ‘nieuwe’ arbeidsovereenkomst is het vervolgens de vraag of het om een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd of voor onbepaalde tijd gaat. Indien het gaat om een arbeidsovereenkomst voor bepaalde eindigt deze wel na gewoon na verloop van de arbeidsovereenkomst. Betreft het echter een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd zullen de normale ontslagregels gelden nu deze ‘nieuwe’ arbeidsovereenkomst is ontstaan ná het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd.

Opzegverboden

Maar wat nu als de werknemer na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd ziek wordt? Geldt dan toch het opzegverbod?

Het antwoord is: nee. De wet bepaalt dat de opzegverboden ‘tijdens ziekte’, ‘tijdens zwangerschap’, ‘tijdens dienstplicht’, ‘tijdens lidmaatschap medezeggenschapsorgaan’ of ‘wegens kandidaat-lidmaatschap medezeggenschapsorgaan of ex-lidmaatschap medezeggenschapsorgaan niet gelden indien er sprake is van een opzegging van een arbeidsovereenkomst met een werknemer die de pensioengerechtigde leeftijd bereikt of heeft bereikt. De enige voorwaarden is dat de opzegging geen verband mag houden met de omstandigheden waarop de opzegverboden betrekking hebben. Met andere woorden de werkgever mag de arbeidsovereenkomst niet met de zieke werknemer opzeggen omdat deze ziek is.

Transitievergoeding

Zoals u waarschijnlijk al weet, zijn werkgevers verplicht om een zogenaamde transitievergoeding te betalen als zij de arbeidsovereenkomst beëindigen na een dienstverband van tenminste twee jaar. Bij het beëindigen van een dienstverband in verband met het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd is de werkgever deze transitievergoeding echter niet verschuldigd, ongeacht de duur van het dienstverband.

De conclusie is dat er door de inwerkingtreding van de Wet Werk en Zekerheid een natuurlijk moment is ontstaan waarop een werkgever een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd kan eindigen zonder inhoudelijke toetst van het UWV of de kantonrechter en zonder kosten.

terug naar overzicht